Foto: Conny Tiebout
Op zondag 20 september speel ik in de Kleine Zaal van Het Concertgebouw een programma dat voor mij een bijzondere betekenis heeft: Reis door de Russische pianoschool – van Balakirev tot Stravinsky.
Het zijn vijf componisten die elk een eigen wereld hebben geschapen: Skrjabin, Rachmaninoff, Prokofjev, Balakirev en Stravinsky. Hun muziek verschilt enorm. Toch hoor ik er steeds hetzelfde in: veerkracht. Veel van hen schreven hun mooiste muziek onder moeilijke omstandigheden – oorlog, revolutie, censuur, ballingschap. Juist dan ontstond muziek die je niet loslaat, die troost, ontregelt en meesleept. Soms allemaal binnen een paar minuten.
Het romantische hart van Skrjabin
Ik open het recital met twee etudes van Aleksandr Skrjabin. Hier hoor je hem nog dicht bij de romantische traditie: lyrisch, intens en persoonlijk. Later, na de pauze, in de Deux Poèmes, opus 32, is hij een heel andere componist geworden. De muziek wordt dromerig, kleurrijk en mystiek. Juist die ontwikkeling – van romantiek naar een eigen, bijna impressionistische wereld – maakt Skrjabin zo bijzonder.
De melancholie van Rachmaninoff
Daarna speel ik een selectie uit de Preludes, opus 23, van Rachmaninoff. Zijn muziek is vaak melancholisch, maar nooit alleen somber. Er zit beweging in, verlangen, een enorme innerlijke kracht. De piano moet bij Rachmaninoff niet alleen klinken, maar ook kunnen zingen. Dat vraagt om techniek, maar techniek is bij hem nooit een doel op zich – het dient de lange lijnen en rijke harmonieën.
Prokofjev: muziek van extreme tijden
Dan verandert het landschap abrupt met de Zevende sonate van Prokofjev, ook wel de ‘Stalingrad’-sonate genoemd. Hij componeerde hem tijdens de Tweede Wereldoorlog. De muziek is hoekig, onrustig, soms meedogenloos. Ritmes botsen, lyrische momenten worden verstoord door dreiging. Het is geen beschrijving van de oorlog, maar een klankbeeld van een extreme tijd.
Dit is een van de indrukwekkendste werken uit de twintigste-eeuwse pianoliteratuur. Het vraagt niet alleen kracht en precisie, maar ook het vasthouden van spanning over het hele werk. Vooral het laatste deel is een bijna onstuitbare ritmische beweging.
Balakirev en de reis naar de Kaukasus
Na de pauze speel ik Islamey van Mili Balakirev – een van de virtuoze hoogtepunten uit het Russische repertoire. Balakirev schreef het werk na een reis naar de Kaukasus, waar hij in aanraking kwam met de rijke volksmuziek van de regio. De dansritmes, de kleurrijke melodieën en de exotische sfeer maakten diepe indruk op hem. Hij verwerkte die indrukken in een fantastische pianofantasie die nog steeds geldt als een van de grootste technische uitdagingen voor pianisten.
Daarna keren we terug naar Skrjabin met zijn Deux Poèmes. Het contrast is groot: van uitbundige virtuositeit naar verstilling, kleur en droom.
Petroesjka: een pop met een ziel
Het recital eindigt met Stravinsky’s pianoversie van delen uit zijn ballet Petroesjka. Petroesjka is een kermispop die tot leven komt. Hij wordt verliefd, is jaloers, komt in opstand en wordt uiteindelijk slachtoffer van een wereld die hem niet als een levend wezen beschouwt. Stravinsky vertaalt dat verhaal in muziek die kleurrijk, ritmisch en theatraal is. De pianist moet als het ware een compleet orkest en een heel theatergezelschap in één vleugel laten klinken.
Het verhaal speelt zich af in een herkenbaar Russische wereld, maar de gevoelens van Petroesjka zijn universeel. Juist daardoor is hij veel meer dan een marionet: hij is een pop met een ziel.
Een reis door verschillende Russische werelden
De titel Reis door de Russische pianoschool suggereert misschien één herkenbare traditie. Maar tijdens dit recital wil ik juist laten horen hoe verschillend deze componisten zijn. Skrjabin zoekt naar lyriek en mystiek, Rachmaninoff laat de piano zingen, Prokofjev confronteert met de hardheid van zijn tijd, Balakirev laat ons een exotische wereld binnenstappen, en Stravinsky maakt van de piano een compleet theater.
Wat hen verbindt, is hun vermogen om onder moeilijke omstandigheden, met persoonlijke ervaringen en culturele wortels, muziek te schrijven die haar kracht heeft behouden. Dat is de veerkracht die ik op 20 september graag met het publiek wil delen.
Concertinformatie
Martin Oei – Reis door de Russische pianoschool van Balakirev tot Stravinsky
Zondag 20 september 2026, 14.15–16.35 uur
Kleine Zaal, Het Concertgebouw, Amsterdam
Kaarten: € 36, € 42 of € 48 (drankjes in de pauze inbegrepen)
Kaarten en informatie bij Het Concertgebouw